Zwemkom Raskes
Een opmerkelijke gebeurtenis van de voormalige textielfabriek La Flandre was de aanleg van een openluchtzwembad midden in de oorlogsjaren. Op 10 juli 1941 opende de zwemkom haar deuren voor het publiek.
In de volksmond stond het complex bekend als ‘zwemkom Raskes’, een verwijzing naar de familie Raes, eigenaar van La Flandre. Om de moeilijke oorlogsomstandigheden wat draaglijker te maken, besliste de fabriek om een zwembad aan te leggen op een terrein tussen La Flandre en ‘den Elektriek’, de huidige Transfosite. Daar lagen oude teerputten die door vrijwilligers werden leeggemaakt en omgevormd tot zwembaden.
Het grootste bad mat ongeveer 30 op 30 meter, was bijna twee meter diep en beschikte aan de zuidkant over een wipplank. Daarnaast lag een kleiner bad van 10 op 30 meter waar kinderen leerden zwemmen. Voor de allerkleinsten was er een apart, blauwgeverfd kleuterbad. Het zwembad werd gevuld met gefilterd water uit het kanaal.
Via een bruin poortje langs het jaagpad kreeg je toegang. Bij het inkomhokje hield een toezichter een oogje in het zeil en kreeg elke bezoeker een genummerde linnen zak voor zijn kleren.
De zwemkom werd al snel een geliefde ontmoetingsplaats voor de Zwevegemse jeugd. Volgens getuigen was ze tijdens de oorlogsjaren zelfs “een geschenk uit de hemel”.
Na de oorlog raakte de zwemkom buiten gebruik. De putten bleven nog jarenlang zichtbaar in het landschap. Eerst namen ganzen en forellen er hun intrek, maar uiteindelijk verdwenen ook deze laatste sporen van zwemkom Raskes uit het Zwevegemse straatbeeld.
Bron: Onze oorlog – Jan Deloof
Met dank aan heemkundige kring Amantine